Recensie: ‘The Believers’ van Zoë Heller

17 Nov

De Britse Audrey is al veertig jaar met de spraakmakende advocaat Joel Litvinoff getrouwd als ze er aan zijn ziekbed achterkomt dat hij jarenlang een groot geheim voor haar en hun drie kinderen heeft achtergehouden. Tegen deze achtergrond legt Zoë Heller haarscherp bloot hoe Audrey, dochters Karla en Rosa en adoptiefzoon Lenny op elkaar reageren en elkaar vooral niet (willen) begrijpen. Een fascinerend verhaal over een excentrieke familie waarin ieder zijn of haar eigen plek probeert te vinden.

Soms kan de eerste regel van een boek wel duizend woorden spreken. “At a party in a bedsit just off Gower Street, a young woman stood alone at the window, her elbows pinned to her sides in an attempt to hide the dark flowers of perspiration blossoming at the armholes of her dress.” Dit is Audrey. Door de derde persoon enkelvoudsvorm en het beeld van de onzekere jonge vrouw alleen aan het raam brengt Heller Audreys kenmerkende afstandelijkheid direct bij de lezer over – de toon is gezet.

Deze afstandelijkheid drukt onbewust een grote stempel op haar (latere) gezin. Rosa – in de twintig – is op zoek naar een vaste basis in het joodsorthodoxe geloof, omdat ze die van haar moeder niet krijgt. Audrey keurt per definitie alles af wat Rosa doet. In vrijwel elke dialoog tussen de twee brengt Heller deze spanning op een zwartkomische manier naar voren. Op Audreys verjaardagsetentje, bijvoorbeeld, zet Audrey Rosa op haar nummer ten overstaan van Lenny, zijn vriendin Tanya, Karla en haar echtgenoot Mike: “ ‘I tell you what, Rosa,’[Audrey] said, ‘I don’t think you’ll be wanting any of this. It’s got pork in it.’ Rosa continued eating. ‘By the way,’ Audrey said, ‘what is the Hebrew for “chopsticks”?’ ” De lezer voelt en leest de problemen aankomen en dat maakt het verhaal des te wranger.

Karla, de oudste van de drie, werd door Audrey en Joel in haar puberteit vaak omlaaggehaald – vooral vanwege haar overgewicht en uiterlijk. En nog steeds toont Audrey haar geen affectie. Met als gevolg dat Karla’s denkpatroon en zelfbeeld uitsluitend draaien om het beantwoorden aan andermans verwachtingen. In haar relatie met Mike, met wie ze krampachtig kinderen probeert te krijgen, kan Karla zichzelf totaal niet manifesteren. Dan leert ze een man kennen met wie ze een halfslachtige affaire begint, maar ze is niet in staat om aan hem of aan Mike te vertellen wat haar echt gelukkig maakt.

Met Lenny, de jongste, heeft Audrey echter een totaal andere band. Heller verwoordt Audreys afstandelijke kijk op de relatie met Lenny en het moederschap in een rake passage: “As the co-author of Karla and Rosa, [Audrey] could not help but look upon them with the dissatisfied eye of an artist assessing her own flawed handiwork. Lenny, on the other hand, was an unsolicited donation: she was free to enjoy the gift of him without any burden of genetic responsability for his imperfections.” Audrey is niet in staat om haar dochters zonder meer lief te hebben maar ze kiest er bewust voor om wèl van Lenny te houden – ondanks zijn losbandige leven en drugsverslaving. Maar hoezeer Audrey ook probeert Lenny aan zich te binden, hij maakt zich juist los van zijn moeder om af te kicken en een nieuw leven te beginnen.

Zo bewegen Audrey, Karla, Rosa en Lenny rond het ziekbed van Joel beurtelings van elkaar af en naar elkaar toe, terwijl ze elk op hun eigen manier proberen om het geheim van Joel een plek te geven. Waar zij alle vier tot dan toe altijd in geloofd hadden, blijken ze opnieuw te moeten definiëren. Heller geeft dit thema prachtig vorm en ze diept haar hoofdpersonen en hun belevingswereld tot in detail uit. De dialogen zitten intelligent in elkaar en de (onderlinge) spanning is bijna tastbaar. Hellers boeiende verteltrant, waarbij ze humor zeker niet schuwt, zuigt je onmiddellijk op in het ongeoliede raderwerk van de familie Litvinoff. Vanaf de eerste kennismaking met de onzekere jonge vrouw aan het raam zit je volledig in het verhaal en pas na de laatste zin laat Heller je er weer uit.

Zoë Heller, The believers. Fig Tree/Penguin, Londen, 2008. Uit het Engels vertaald door Mechtild Claessen en Frans van Delft. Archipel, Amsterdam, 2008.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: